Zo zat ik een paar maanden geleden ineens fijne verhalen voor te lezen in de hal van de bibliotheek in Utrecht.

Omdat Roos (die er werkt) me vertelde over een nieuwe voorleesavond in de bieb die Hannah (die er een plantenruilkast heeft). Ik voelde zo’n vloedgolf van ZIN over me heen spoelen, dus ik vroeg of ik ook een keer mocht. Wat was dat een fijne avond.

Niet onverdeeld fijn was het, het voorbereiden was erg veel werk, en ik was rete-nerveus. Ik wist dat dat niet nodig was. En toch… Ik zat de hele middag te stressen want ik wilde wel goede verhalen, die kort waren, en fijn en en en en.

Ik maakte een selectie, dacht na over wat ik erbij wilde vertellen. Vooral: fijn is fijn door het contrast met niet fijne dingen. Die horen erbij. Het gaat om waar je je aandacht heen laat gaan. Bij fijn hoort ook niet-fijn heb ik geleerd.

Ik koos twee korte verhalen van Sylvia Hubers, las de eerste pagina van mijn lievelingsboek “Memoires van een Luipaard” van Peter Verhelst, een eigen verhaal over warmte, een eigen verhaal over wilde paarden, een overdenking van Ross Gay uit zijn inspirerende “book of Delights”, twee verhalen van Kirsten en tot slot een kort verhaal van Simon Carmiggelt dat heet “mooi verhaal”.

Ik sleepte uit mijn huis (ik woon dicht bij de bieb) de kuip van mijn opa’s woonkamerstoel. Zo kreeg ik een troon om voor te lezen. Ik had toen nog mijn “scheurfabriek” dus ik had nog genoeg mooie dingen om het eruit te laten zien als mijn fijne woonkamer. Ik mocht het helemaal naar mijn hand zetten, dat vind ik erg fijn.

Ik verwachtte dat er van alles mis zou gaan (onverstaanbaar, geen publiek, slechte selectie, etc). Ik kreeg een prachtige avond met liggende mensen die een ruim half uur aandachtig luisterden.

Wil je nog wat fijne verhalen lezen? Hier is de lijst met biebboeken van met mensen die op mijn fijne zelfgemaakte scheurkalender 2022 staan.