Afgelopen week had ik een kennismakingsgesprek voor een pr-klus bij een bibliotheek. Hier vertel ik hoe fijn ik de bieb vond vroeger

Op LinkedIn had ik laten weten dat ik ruimte had voor klussen. Connectie Han gaf met een tip over een vacature bij een bieb. Dat werkt dus!

Die vacature paste niet bij me, maar toen we kletsten hoorde ik dat er ook nog een ándere klus was, bij de afdeling marketing. Yes, kon ik toch misschien nog bijklussen bij de bieb.

Ze waren er op zoek naar een medewerker voor pr en content en hadden er een gevonden, maar die haakte op tlaatst af. Ik bedacht: dan hebben ze nú iemand nodig en kan ik die ruimte opvullen tot ze weer de ‘hele vacature plaatsten, sollicitatiegesprekken voeren, contractonderhandelingen etc’ gedaan hebben. Ik zou morgen al kunnen beginnen, moest het nodig zijn.

Ik mailde de medewerker-zoeker dat ik interesse had, ze belde me dat ik een paar dagen later op gesprek kon komen, wat de functie inhield (of voor hoeveel uur ) wist ik nog niet.

Ik wilde het gesprek gebruiken om meer te weten te komen over de functie, om kennis te maken met een toekomstige collega, om te leren over de binnenkant van de bieb en ook om mijn sollicitatiespieren te trainen en onderhandelingstechnieken te oefenen.

De dagen vooraf schommelde ik tussen: ‘ja vet veel zin om lekker ergens vast aan de slag te gaan’ en ‘kan ik dat wel??’. En dan dacht ik: maar wát eigenlijk? Want ik kan het me niet goed voorstellen want een pr en content medewerker doet. Ik deed dat zelf voor mijn eigen projecten altijd, maar bij grotere bedrijven gaat het vast heel anders.

Mijn aanname is: als ik in mijn eentje (en later met hulp) enorme markten kan organiseren dan kan ik ook wel facebooken en berichten schrijven over de bijzondere activiteiten van de bieb toch? Maar dat KAN IK DAT WEL, dat was een verrassend luid geluid. Het nestelde zich in mijn onderbuik en deed me die dagen sneller twijfelen aan mezelf.

Ik trok een leuk jasje aan. Checkte of mijn haar niet raar zat, poetste nog eens mijn tanden en trok mijn vieze hardloopschoenen aan, die zou ik vóór het gesprek verwisselen voor exemplaren die er niet uitzien alsof ze in het bos geboren zijn.

In de bus naar Verweggistan – het was helaas niet de bieb om de hoek – zag ik mijn onverwisselde schoenen. Het was echt Geen Gezicht. Ik had geen zakdoekjes bij me en het meisje naast me ook niet. Dus poetste ik met het hengsel van mijn linnen tasje zo goed en kwaad als het ging mijn schoenen. Dat ging nog best aardig. Het hengsel zag er toen uit alsof het gevochten had met vieze schoenen, dus ik nam me voor die tas maar een beetje uit het zicht te houden.

Lieve medewerkers brachten me naar de juiste verdieping. We maakten kennis. Ik over wat ik had gedaan, zij over deze bieb. Ik pakte mijn notitieblok om aantekeningen te maken, ik probeerde wat grip te krijgen op de organisatie.

Ik krijg vaak een mentale error als ik iets nog niet volledig kan overzien. Daar was ik vóór dit gesprek huiverig voor want wat ze ook zou zeggen, ik zou het sowieso niet kunnen overzien.

Terwijl ik haar nu alles hoorde uitleggen, stelde ik mezelf gerust want het is logisch dat je nog niet precies weet wat je allemaal gaat doen, dat komt allemaal later wel. Iets in mij verlangt hard naar helderheid.

Het begon me te duizelen. Er waren een heleboel afdelingen, mensen, locaties, voor al die locaties moesten verschillende taken worden gedaan: op het gebied van interne communicatie, pr naar buiten, social media. Het was een heel gepuzzel. “Ik heb geen idee wat ik nou echt ga doen op een dag“ zei ik. Ik moest dat deels zelf uitvogelen. Van het veel-meer-dan-je-tijd-voor-hebt moest ik gaan beslissen wat prioriteit had. Deze functie kwam erbij omdat de anderen het al druk hadden.

Het zou een hele puzzel zijn. Ik zag dat wél helder voor me. Ik merkte dat ik niet heel bang was dat ik het niet zou kunnen, want je kunt het leren. Ik kan me verdiepen in dat waar ik extra vaardigheden blijk nodig te hebben, in het de hoeken en gaten van de bieb. Maar het vonkte niet bij me. Ik werd helemaal niet enthousiast. En om deze puzzel te kunnen doorgronden, daar was echt heel veel enthousiasme voor nodig. En dat kreeg ik er niet van.

Ze stelde voor maandag even te bellen, maar ik wist het al en wond er geen doeken om. Ik zag geen match tussen mijn behoeftes / vaardigheden en de functie. Moest ik daar – omdat ‘gezond verstand’ dat dicteert een nacht over slapen? Nee hoor.

Eenmaal buiten barstte op mijn gezicht een stralende lach. Wat fijn dat ik er níet hoefde te werken. De functie op die plek paste echt helemaal niet bij me.

Ik ga nog even doorzoeken. Ik wil graag een vaste klus, elke week iets dat leuk is, flexibel, in een niet al te groot bedrijf, waar de sfeer op de werkvloer heel toegankelijk is. Dat kan heus (moet ik mezelf af en toe toezingen).

Dat zoeken naar werk, solliciteren, dat is óók een puzzel. Het geschuif met opties: past dit bij mij, sluit het aan bij mijn vaardigheden. Het salaris. Het aantal uren moet matchen. De sfeer op de werkvloer goed. De locatie waar je werkt. De ligging van het bedrijf. Mogelijkheden voor thuiswerken. Voordelige secundaire arbeidsvoorwaarden. Flexibiliteit van werkuren. De cultuur van het bedrijf. De organisatiestructuur. De missie van het bedrijf. Je directe collega’s. Je klanten. Al die dingen moet je wegen en kijken of het past.

Ik moet daar aan wennen, die puzzel, want waar ik nu werk is álles kloppend, op mijn maat gemaakt. Ik heb namelijk zelf het bedrijf gemaakt. De collega’s gekozen. Met onze stijl trekken we vaak hele hele leuke klanten en daarmee communiceren we heel informeel en gezellig, want dat vinden we belangrijk en dus is dat onze bedrijfscultuur. Ik kan vaak met modderschoenen naar afspraken. Heb heel erg leuke medewerkers en collega’s. Ik ben echt verwend!

Nu blijf ik nog even doorzoeken, naar iets dat ook leuk is, niet per se naar een klus of baan die niet aan álle voorwaarden voldoet, maar een die aan genoeg voorwaarden voldoet.