Zes weken heb ik mijn huis uitgeleend aan een vriendin. Ik reis rond met een rugzak en flexwerk waar ik kan, ik plan weinig [overzicht].
Lees hier alle verhalen over mijn huisloze tijd.

Ik was in Sicilië, ik zat een beetje te flexwerken bij mijn Couchsurfhost op het balkon. ’s Avonds fietste ik naar de zee, las een boek bij zonsondergang. Nog even en ik kon het routine gaan noemen. Ik werd al blasé.

Ineens kreeg ik de geest.

Ik wilde nu dat Taormina wel eens zien dat we gemist hadden omdat de G7 daar plaats had, waartegen we protesteerden. Ik wilde nog eens naar Palermo en daarna weer naar San Vito Lo Capo.

Toen ik de vorige keer, na meer dan 900 kilometer fietsen, eindelijk aankwam in mijn eindstad Palermo, viel ik van het ene avontuur in het andere. Ik ging de was doen, ontmoette direct een Brit die woonde en rondreisde in een busje. Ik had niet het idee dat ik Palermo zelf echt goed had ervaren.

Dus ik maakte een heus reisplan. Ik had één dag uitgetrokken om ’s ochtends even Taormina te doen, daar ook het beroemde stuk rots met strand Isola Bella te bekijken, daarna nam ik de trein weer terug naar Messina om daar weer op een bus te stappen naar Palermo. Daar een paar dagen zijn, dan naar San Vito Lo Capo. Solide.

Aldus geschiedde.

Taormina was toeristisch.

En mooi. Er is een park met mooie bomen en hele mooie, onpraktische gebouwen. Vanaf een uitkijkpunt kun je met een lange trap naar beneden, zo zweet je jezelf dan het strand van Isola Bella op. Daar kun je met alle andere toeristen om de kiezels liggen. En even zwemmen. En één van je favoriete sokken achterlaten. Ineens ben je een toerist. Het bevalt niet.

Terug in Messina heb ik nog een uur voordat de bus naar Palermo komt. Dat uur besteed ik typend in de lobby van een hotel. Lekker even flexwerken, ik ben tenslotte niet echt op vakantie, zo maak ik dat weer even duidelijk.

Wanneer de bus Palermo inrijdt, springen de tranen me in de ogen. Dit is de stad van Mike. Waar we op de fiets door de straten slingerden, waar we bananen probeerden te kopen, waar we Indiaas aten bij dat ene restaurant omdat we dat andere tentje niet konden vinden, de stad die we snel verlieten om ergens anders heen te gaan, om per ongeluk uit te komen bij San Vito Lo Capo. Wat was dat een mooie tijd. En het is over. Het is helemaal over. Het was een toevallige ontmoeting, een bijzondere week en toen, niets.

Ik ween een beetje om wat er was. Ik ween een beetje omdat ik er weer ben. En voel weer kriebels. Want ik ben weer hier. Ik besef me maar weer eens even hoe blij ik ben dat ik zo veel en fijn mag reizen.

Op het centraal station stap ik de bus uit, een donker Palermo in. Ik mis mijn fiets. Nu moet ik helemaal naar het hostel lopen. Ik ga gewoon weer naar het hostel waar ik de vorige keer ook sliep een bed huurde om mijn halfdroge was aan op de kunnen hangen.

Ik wandel door de mooie, warme wereldstad. En wandel als vanzelf langs het Indiase eettentje waar ik met Mike had willen eten. Natuurlijk eet ik daar mijn avondeten. Het plekje is klein en gruizig, locals eten er, het toilethokje is piepklein. Het eten is geel en geweldig.

In het hostel word ik herkend als de fietser van een paar maanden eerder. Ik krijg een bed waar ik alle nachten slaap. Met een andere hostelgast bezoek ik markten, een kerk, de kathedraal. Ik dwaal wat door de stad. Ik vind een hipsterbar om een dag flink door te werken. De stad doet me niks. Na een dag of wat weet ik echt heel zeker dat ik er weg wil.

Die ochtend loop ik weer hard door Palermo. Hijgend ren ik langs een winkel waarvoor twee professionele mountainbikes staan met heel veel bepakking en een fietskarretje achter een van de fietsen. Vet.

Een jongen komt uit de winkel gelopen. Hij hoort duidelijk bij de fiets.
“Are you biking?”, vraag ik retorisch.
“Yeah, we’re biking from France to Croatia”, vertelt hij. Zijn vriendin komt ook naar buiten. Ze zijn vier maanden aan het fietsen en zijn nu op weg naar San Vito Lo Capo. In dat karretje achter zijn fiets zitten allemaal klimbenodigdheden want San Vito is blijkbaar een klimparadijs.

Echt? Ze gaan fietsen naar San Vito?? Dat was het oorspronkelijke doel van mijn fietsvakantie: ik zou fietsen van Napels naar San Vito, maar toen bleek dat de jongen die daar een hostel runde er niet was (en zijn hostel dus ook gesloten), toen maakte ik van Palermo mijn fietseindpunt (en reed uiteindelijk met de bus van Mike toch naar San Vito). Snapt u het nog?

En echt? Toen ik er de vorige keer was, heb ik alleen loom voor me uit gestaard naar de rotsen en het klotsende water. Ik zag wel bergen maar had geen idee dat je daar op kon klimmen.

We wisselen nummers uit en spreken af om elkaar in San Vito weer te ontmoeten. Een paar uur later zit ik eindelijk weer in de bus naar San Vito. Eens kijken hoe het daar is.