Zes weken heb ik mijn huis uitgeleend aan een vriendin. Ik reis rond met een rugzak en flexwerk waar ik kan, ik plan weinig [overzicht].
Lees hier alle verhalen over mijn huisloze tijd.

Shammie en ik waren een lang weekend in Sicilië. Zo was de eerste dag.

Na het boeken van de tickets hadden we alle couchsurf-hosts in de buurt van Taormina gemaild en al snel kwamen we zo tot de ontdekking dat de G7 plaats zou hebben in Taormina in het weekend dat wij er waren. Dus we konden niet blijven slapen, sterker nog het hele centrum was het hele weekend hermetisch afgesloten.

Gelukkig vonden we via couchsurfing onderdak bij ene Gianluca in de buurt van Messina, een grote stad verderop in het oosten, aan de zee. Gianluca bleek een heerlijk sociaal, grappig, fijn mens.

Gianluca ging de G7 protesteren en vroeg of we met hem mee wilden.

We wisten het niet. Gingen we een dag van onze oh-zo-korte lange weekend samen besteden aan protesteren? We besloten dat we tegen het meeste waren waartegen geprotesteerd zou worden, dus dat we mee gingen. De laatste keer dat ik protesteerde was op de middelbare school toen iemand in z’n hoofd had gehaald om iets te veranderen aan het schoolsysteem, ik heb geen idee meer wat, maar we waren er enorm op tégen. We togen naar het Malieveld en daar stonden we op een veldje te protesteren. Dat hield in luisteren naar iemand die door een megafoon riep waar wij het al mee eens waren, aangevuld door nieuwe informatie waar we het ook mee eens waren.

Hoe zou het dit keer zijn? Zo was het voor mij:

Gianluca reserveerde plaatsen voor ons in de touringcar die met alle demonstranten naar Giardini-Naxos reed, de kustplaats onder Taormina. Want Taormina zelf was inderdaad hermetisch afgesloten.

Bij het betreden van de bus, die -oh Sicilië- uiteraard een uur stilstond vanwege (weet niemand, maakt niemand zich echt druk om), schaamden we ons voor de plastic flesjes die we net hadden gekocht, voor de kleren die we in ketens hadden aangeschaft. Meteen toen we al die tweedehands kleren dragende protesteerders zagen, waren we bang dat wij er helemaal niet bij pasten en dat we alles vertegenwoordigden waar zij op tegen waren.

Daar voerden we onderling interessante gesprekken over: mochten wij daar niet zijn? Moesten we alle idealen van onze medeprotesteerders onderschrijven? Het vegetarisme, het radicaal anti-globalisme? Het communisme aanhangen? Nee, besloten we. Wij mochten er zijn.

We mochten mee protesteren. Tegen deportatie, tegen Trump. Tegen de extreme veiligheidsmaatregelen rondom de G7. Tegen het afsluiten van een heel dorp. Tegen het afsluiten van de havens (waardoor nog meer bootvluchtelingen verdrinken) voor één samenkomst. We mochten protesteren tegen alles dat we fout vinden in de wereld. We hoefden ons voor ons protest vandaag niet te veranderen. We waren er, wij protesteerden ook. Met onze dure zonnebrillen. Wij doen zo onze eigen dingen uit protest en louter zwarte, verwassen kleding dragen, hoorde daar niet bij.

Op de snelweg werd onze bus gestopt door de politie. Meer dan een half uur was het onduidelijk waarom we gestopt werden, we bleven allemaal netjes zitten. Daarna werd dan toch langzaamaan duidelijk dat alle mensen onder de 45 jaar naar buiten moesten om hun paspoort te laten zien. Het was onprettig. Ik was niet bang, maar begon me wel een beetje zorgen te maken toen de organisator van onze bustocht me gerust bleef stellen.

Buiten stonden zeker vijfentwintig mensen die op een of andere manier betrokken waren bij politie of het leger. Het stikte van de uniformen, van de legerkisten en pistolen.

Shammie schuifelde voor me de bus uit. Ze liet haar rijbewijs zien, werd gefotografeerd en gefilmd door twee politieagenten in burger met een insigne aan hun riem. Ze namen ook foto’s van haar tattoages.

Zo verging het mij ook. Paspoort laten zien, foto’s, gefilmd worden. Ik had een rugzak bij me, die moest ik open maken. Ze controleerden niet wat er in mijn tas zat, maar waren zo te zien alleen benieuwd naar opdrukken van kleding en banners. Was dit legaal? Mochten ze ons zomaar vastleggen omdat we gingen protesteren?

Het voelde alsof we boeven waren en we verstonden niemand en uitleg werd niet gegeven. Misschien was het preventief: als we wat van plan waren, waren we al vastgelegd. Nu zouden we het wel uit ons hoofd laten om wat dan ook te ondernemen.

Maar wij waren sowieso uiteraard niets van plan. Ik heb in mijn leven nog nooit een molotovcocktail van dichtbij gezien noch een auto in brand gestoken en dat wilde ik graag zou houden. Dat wisten zij niet.

Toen alle 45-minners gefotografeerd waren, mochten we weer verder.

We werden nog een keer aangehouden, maar hoefden de bus niet uit.

Daarna waren we eindelijk bij de andere protesteerders. We schuifelden de bus uit en waren precies op tijd om te vertrekken.

Schel schalden uit de luidsprekers de stemmen van zeer gepassioneerde Italiaanse protesteerders. Zij riepen waar wij allemaal op tegen waren en wij liepen er achteraan. Wij, dat waren mensen met spandoeken, in verwassen kleren, mensen die er net zo uit zagen als wij, meisjes met hippiejurken aan. Iedereen was er. En we waren met honderden.

Het was mooi. We liepen met een grote groep mensen rustig door de straten. We liepen naar de boulevard en langs de zee. Er was ontzettend veel pers. Wij liepen een vooraf uitgestippelde route, in de zijstraten zag je groepen ME en politie staan. Wij riepen en liepen en om ons heen zag je aan alles dat men bang was dat het uit de hand zou lopen. Winkels waren allemaal gesloten, vele waren dichtgespijkerd uit angst voor rellen en geweld. Eerdere demonstraties van de G7/G8 waren uit de hand gelopen, er was een jaar dat er (vermeende) molotov-cocktails werden meegenomen door de “black blocks” (een zeer radicale protestgroep). Ze waren op hun hoede. Wij hadden niets kwaads in de zin. Wij zongen, liepen.

Het was mooi om daar tussen te lopen, zelfs zonder te verstaan wat er gezegd werd was het indrukwekkend om erbij te zijn.

Dat gezegd hebbende… het duurde nogal lang. De hele tijd dat geschreeuw door de luidspreker, ik kreeg er een beetje hoofdpijn van.

Ik besloot af te haken en gelukkig wilde Shammie mee afhaken. De demonstratie ging rechtdoor op de boulevard en zou dan omdraaien, wij zouden wel weer aanhaken op de terugweg.

We gingen even liggen op een bankje en vielen direct in slaap (al die indrukken hè). Daarna keken we om en in de verte zagen we een rookpluimpje uit de menigte komen. Traangas, grapten we.

We hebben een prima neus voor wijn dus we vonden de enige geopende bar in het hele dorp en bestelden een glas wijn. We kletsten wild door, wat wij elkaar te zeggen hadden was hartstikke belangrijk. We vergaten al bijna dat we aan het protesteren waren.

Toen de wijn genuttigd was, zagen we de meute weer onze kant op komen en al snel konden wij weer lekker mee protesteren.

Het was inderdaad traangas geweest. Er was iemand die iets had uitgelokt, of iemand die iets zei, of, eigenlijk was het onduidelijk hoe precies maar ineens was er traangas gegooid. Er waren mensen die citroenen bij zich hadden om zichzelf te beschermen tegen traangas (zij gingen dus ook al uit van gerel), wat ze met die citroenen deden, dat weet ik nog altijd niet precies, want wij waren dus wijn aan het drinken. Lees hier wat je moet doen als je traangas verwacht.

De sfeer was anders op de terugweg.

Het was de stiller. Iedereen was moe, gelaten. Nu werd er niet meer geroepen, iedereen liep dezelfde route maar dan terug maar dan zonder te protesteren. Het was niet vanwege dat traangas, volgens mij, het was omdat het protest die kant op ging en nu liepen we de andere kant op. En iedereen was moe. De sfeer was vreedzaam, er was muziek, we liepen.

Op een hoek waar we de boulevard af liepen, stonden meer dan twintig politieagenten en ME’ers met schilden. We liepen er zingend langs, we zongen een mooi lied dat aangaf dat wij lieve hippies waren (en ik weet niet meer welk lied!). Het voelde alsof wij er boven stonden. Alsof zij gek waren dat ze deden alsof het nodig was dat zij daar zo in vol ornaat stonden.

Maar de sfeer veranderde. De aanwezigheid van zoveel politie lokte agressie uit. Je voelde hoe de sfeer van een groep zo zou kunnen veranderen. Hoe alles op spanning stond. Hoe we protesteerden in een snelkookpan. En ik snapte waarom wij er waren. Waarom de politie er was.

In de media zie je als je nu zoekt, alleen dat traangasmoment. In de media lijkt het zo veel grimmiger. Maar het was grimmig en óók mooi. Omdat we met zo veel waren en zeiden: we willen het anders.

Blijkbaar ging ik dus ook protesteren om uiteindelijk te kunnen protesteren tegen eenzijdige beeldvorming over protesteren.