Van 1 tot 22 augustus logeer ik op een woonboot in Utrecht. Het is geweldig. Ik lig deinend op het water, het is mooi weer, mijn keuken voelt aan als een caravan, ik heb een achterkamer waar ik uitkijk over het koele, glimmende water en ik heb een pingpongtafel in de woonkamer.

De booteigenaar is een hele tijd in noord Frankrijk en wilde niet dat er weer werd ingebroken. Mensen weten dat ik in ben voor vreemde verzoeken en graag in andermens’ huizen woon, dus daarom woon ik nu hier. Op het water.

Ik had vrienden uitgenodigd op een peest: een feest met veel p’s. Er waren pannekoeken, personen, pistachenoten (van Pauline), plonsjes, er was pingpong, poedersuiker en veel pindakaas.

Iedereen moest pindakaas meenemen.

Ik wilde een pindakaasproeverij. Niet langer kon ik het aan om niet te weten welke pindakaas de lekkerste is. Ik zelf inmiddels al drie pindakazen gekocht, maar het was te weinig om te beslissen welke de beste was. Op dit feest namen een paar mensen pindakaas mee, en de booteigenaar had ook nog een pot, we hadden uiteindelijk vijf pindakazen om te proeven (van mijn eigen pindakazen viel er één af omdat die een smaakje had en we van mij alleen maar pure pindakazen mochten vergelijken).

Het was een blinde proeverij; we wisten niet wat we proefden. We snuffelden, keken en proefden. Beoordeelden smaak, textuur en mondgevoel.

Het was niet heel wetenschappelijk want er waren maar vier mensen die proefden. Drie mensen daarvan proefden samen en kwamen steeds tot een consensus, dat beïnvloed de boel ook weer. Er was geen goed scorebord.

Calvé won bij de drie samenproevers, de alleenproever was helemaal voor Puur Pindakaas (die de samenproevers  een 7 gaven). Smaakt vonden we allemaal niet lekker. Bij de Smeuïge Pindakaas hebben we het etiket nagekeken om te zien of er écht geen suiker in zat want hij is heel zoet.

Toen bekeken we alle etiketten, dat was ook interessant: vet percentages, toevoegingen, soorten vet, calorieën. We hadden nu de kans om dat allemaal eens rustig te bekijken en het er over te hebben.

De volgende keer in de supermarkt weten we dus meer dan voor de proeverij, vet gaaf.

Het is een super goed idee: een proeverij. Jij moet het ook doen. Het kan met allerlei producten. Stel voor eens en altijd vast wat het beste en lekkerste is.

Na de proeverij gingen we pingpongen, rond de tafel, op een boot. Wat was het gezellig.