Gisteren heb ik voor 35 mensen soep gemaakt.

Eva, Amarins en ik gingen al kokend nadenken over hoe andere mensen samen kunnen koken. Lekker meta. We kookten in de keuken van BAK.

BAK heeft (ondanks die naam) doorgaans weinig met koken te maken, het staat nl voor “Basis voor Actuele Kunst”. Ik snap nooit helemaal wat van wat ze daar doen, maar als ik hoor wat er gebeurt dan klinkt het vaak wel erg belangrijk. Het is geen toegankelijke plek, meer voor conceptuele nieuwe kunst en mensen die daar mee bezig zijn. 

Eva had ons -en nog wat anderen die vandaag niet konden- uitgenodigd om na te denken over hoe een kook-collectief eruit kon zien. Een centrale vragen: hoe kunnen mensen samen koken? 

Als je samen kookt, verspil je minder eten, gebruik je minder verpakking, kost het relatief gezien minder moeite. De vraag was vandaag niet: hoe starten we een kook collectief, maar hoe kunnen we een concept bedenken dat ándere mensen kunnen invullen om samen te koken. Het was dus een beetje vaag en conceptueel en het voelt erg belangrijk, dus dat we het bij het BAK deden, dat klopte.

Om conceptueel te denken moet ik wat extra moeite doen, want ik ben veel meer een concrete denker: ik vraag me meteen af hoeveel mensen er aan mee kunnen doen en of ze elke donderdag samen kunnen komen, maar daar gáát het dus nog niet om. Heel interessant.

Samen koken kan bijvoorbeeld zijn dat je met mensen met dezelfde voedselbehoefte (zonder gluten, zonder lactose) afspreekt zo nu en dan samen te koken, zo wissel je kennis uit en kook je samen: kun je de komende week goed eten. 

Of dat je met een paar leuke collega’s afspreekt: op maandag nemen we allemaal 3 bakjes met eten mee en neem je drie andere bakjes mee naar huis.

Het kan voor eenpersoonshuishoudens die nooit grote hoeveelheden koken (ook al is dat ongeveer dezelfde moeite) omdat ze niet de hele week/maand hetzelfde willen eten. Als die samen zouden koken, of eten uit zouden ruilen, dan eten ze volgens mij met meer plezier. 

Buren kunnen een middag samen koken en zo een paar dagen niet meer hoeven na te denken wat ze die dag hoeven te eten. 

Het gaat er dus niet om dat je samen eet, het gaat om het koken. 

Ik denk niet dat ik heel geschikt ben voor een kook collectief.  Ik vind de dynamiek van groepen die dingen samen doen en de kleine spanninkjes die dat oproept niet zo prettig: Ans komt nooit opdagen, “kunnen we het toch op een andere dag doen?” (een dag van te voren!), etc. En daarna samen koken, ik vind dat niet zo fijn. Het leidt me enorm af als andere mensen allemaal dingen aan het doen zijn terwijl we samen koken, de hele tijd schakelen: aan het einde van zo’n sessie ben ik hartstikke moe. 

Ik vind het leuk dat ik me ervan bewust ben geworden dat ik dit wel zou willen willen. Het lijkt me geweldig als ik dat wél leuk vond, samen met allemaal mensen koken. Het idee vind ik heel leuk, maar ik herken dus inmiddels in mezelf dat de uitvoering daarvan niet bij me past. Dat het me veel energie zou kosten (en ik vind het prima dat sommige dingen me veel energie kosten) maar dat het me dit niet structureel waard is.

Na conceptueel geklets gingen de handen uit de mouwen en kookten we samen. Ik stortte me op de soep (recept hieronder). Het was leuk om zo nu en dan te kunnen vragen: hoe interpreteer jij dit, een klein beetje te kletsen, maar bij dat recept moest ik best wel opletten. Er liepen nogal wat mensen in en uit en al die mensen houden me toch een beetje bezig: met die ene gaat het niet zo goed, die andere komt even haar keukenterritorium afpissen, die is alleen maar met zichzelf bezig, die probeert die me nou te versieren? en ondertussen 62 uien snijden en fruiten en roeren en gember en prrrrrrrrrrrr.

We kookten voor de 32 deelnemers en organisatoren van een workshop over (iets dat zowel kunstig als conceptueel was) én voor onszelf. We namen allemaal ruime hoeveelheden mee naar huis, ik had een koelkast vol fantastisch eten aan het einde van de dag.

Linzen-tomatensoep met kerrie en kokos

recept voor 4 personen, veganistisch
(ik deed alles ± keer 8)

Recept komt
uit: “Koken met Kanjers”,
en is van Yotam Ottolenghi

30 gr. gemberwortel
25 gr. verse koriander 
150 gram rode linzen
2 el. zonnebloemolie
160 gr fijngesneden ui 
1 el middelscherp kerriepoeder
1/4 theelepel chilivlokken
2 tenen knoflook, fijngehakt
400 gr tomatenblokjes, blik
400 ml kokosmelk
zout en versgemalen zwarte peper

  1. schil de gember en hak fijn. was en snijd de stelen van de koriander in stukken van 1,5 cm. Gebruik de rest later als toplaag vlak voordat je serveert. Spoel de linzen af, laat ze uitlekken.
  2. Doe de zonnebloemolie in een grote soeppan. Fruit de ui 8 minuten, tot die gaar en gekaramelliseerd is. Voeg de kerriepoeder, chilivlokken, knoflook en gember toe en bak alles al roerend 2 minuten.
  3. Doe de linzen erbij in de pan, roer 1 minuut en voeg tomaten, koriandertakjes, 600 ml water, zout en versgemalen peper toe.
  4. Kokosmelk erbij. (Hou evt. 4 eetlepels apart om erop te doen vlak voor je serveert/invriest) Breng de soep aan de kook, laat 25 minuten zachtjes koken tot de linzen gaar maar niet helemaal stuk zijn. Voeg wat water toe als je de soep te dik vindt.

Verdeel de soep over 4 bakjes/potjes-met-deksel en deel uit aan je vrienden.

Het was een hele klus: voor 35 personen koken, wil ik niet elke week. Maar een recept verdubbelen of verdriedubbelen, dat is echt niet heel veel meer werk en levert wel meer blije buren of vrienden of collega’s op. 

Zo’n koko, dat kan natuurlijk op verschillende manieren, op een manier die fijn voor de mensen die erin zitten is. Bij mij ging het na het conceptuele denken, toch praktisch borrelen. Ik zou best met mijn buren willen uitproberen, waarbij we elke week een bakje eten ruilen, niet samen koken. Jij een beetje van mijn lasagne, ik een beetje een kook-kring willen van jouw Vietnamese salade (ik zit nu specifiek te azen op de kookkwaliteiten van mijn buurvrouw Nynke). Ik ga eens kijken of ze ervoor te porren zijn.

Om het eetgenot meteen te delen, nam ik de dag erop ook een flesje van de soep mee voor Tineke, met wie ik uit wandelen ging. 

Meer weten over collectief koken? Neem contact op met Eva van Collective Practice.