Ons jaar zonder supermarkt is zonder al te veel voorbereiding of regels begonnen, ik vind het best om terwijl we bezig zijn te ontdekken waar we mee bezig zijn. Zo gaat dat: je denkt: straks ga ik zus en zo doen en ineens is het al lang straks geweest en je hebt niet genoeg tijd genomen om je voor te bereiden.

De laatste keer dat we in een supermarkt waren, waren we ons er niet bewust van dat het de laatste keer was dat we in de supermarkt waren voor de komende 365 dagen. We hebben dus niet dat ingeslagen wat veel moeilijker verkrijgbaar is als je niet in de supermarkt winkelt. We hebben er niet bij stil gestaan.

We liepen van de Perse Polis (waar we nu ook nog heen kunnen) naar de EkoPlaza op de Amsterdamsestraatweg. We liepen langs de Albert Heijn waar ik een doosje zag met hele kleine appelbeignetjes en een paar oliebollen, precies een mooi plastieken doosje voor 2 personen. Dan had je allebei wat te snoepen. Ik had het bijna gekocht, dacht er niet aan dat het -eenmaal opgewarmd- waarschijnlijk tegen zou vallen. Gelukkig was meneer T tegen. In de EkoPlaza liet ik me verleiden tot zalm (lag zo leuk uitgestalt en ik gunde het ons want het was 31 december en morgen 1 januari en dat vonden we heel bijzonder). We kochten er biologische kip, omdat we te lui waren om helemaal naar Ron te fietsen. Meneer T kocht loempia’s omdat zijn Oma altijd loempia’s bakte op oudjaarsavond. Een keer was zijn opa ziek en toen werd oud en nieuw niet bij opa en oma gevierd, toen kregen alle kinderen een zakje loempia’s, zodat ze thuis toch konden bakken. We kochten nog een duo afbakstokbroden, mocht de grote zak met vierkante toastjes met rozemarijn en zeezout niet voldoende zijn voor onze tapenades, kazen (voor mij want meneer T is gruwelijk allergisch voor stremsel) en het zalmpje.

Zo gezien is het misschien ook een kwestie van boodschappenlijstjes maken en zelfbeheersing, maar laten we die gedachte even parkeren en voorlopig gewoon maar even niet naar de supermarkt gaan en zien waar het ons brengt. Vast op inspirerender plekken dan de AH 2 GO.

We hadden al afbakcroissants én een zak met (de schande!) partymixbroodjes (een zak met kleine heel lekkere croissantjes, met kleine ronde bolletjes en kleine ronde bolletjes met sesamzaad). De partymix luidde ons nieuwe jaar in. Van de herkomst waren we ons niet eens bewust. We aten ze met smaak.

Vandaag aten we weer croissantjes. De laatste afgebakte croissantjes. We hadden eindelijk ontdekt dat de afbakcroissants van het eigen merk van de Albert Heijn super lekker zijn (om je snel bij te praten: de van de Euroshoppen zijn vreselijk want veel te zout, die uit de vriezer van de Delifrance zijn ook geweldig, maar onze vriezer is maar klein, en ze zijn aardig aan de prijs.)

laatste croissants2

Met enig, maar niet heel storend, verdriet aten we onze laatste croissanten. Ons terdege beseffend dat er nog heel veel winkels zijn die geen supermarktketen zijn waar ze ook croissantjes hebben. Dus er is niets aan de hand.

Terwijl ik dit schrijf nipte ik van een glaasje Biologisch sinaasappelmangosap, een miskoop van een markt waar we op stonden. Ze is van “Mama Natuur” van de Aldi. Zo dwarrelen er nog heel wat supermarktresten door ons huis, zelfs al hebben we niet van te voren ingeslagen. Het is niet zo dat het niet meer mag, dingen eten die uit de supermarkt komen, maar ik wil me er graag bewust van zijn waar iets vandaan komt. Ik wil graag minder dingen in huis en van de dingen die ik wel in huis heb wil ik meer (goeie feiten) weten.