deel 1/2 |  Rosario – Messina – | fiets 19 km | boot 7,5 km | trein 39,9 km | auto 2,7 km | zondag 29 januari 2017

’s Ochtends neem ik enorm veel tijd om mijn tassen in te pakken en te ontbijten. Ontbijt mag ik hier gelukkig zelf maken, dus heb ik gisteravond wat speciale havermoutpap voorbereid: havermout + water + stukje fijngesneden fruit + nootje of zaadje > nachtje laten staan = ontbijt (in de foodblogoshere noemt men dat overnight oats). Een dag begonnen zonder Nutella, top.

Voor ik de trein in ga, wil ik nog even plassen want ik weet niet of er toiletten zijn in de trein. Ik spring van de fiets bij een koffietentje. Ik bestel een caffè een cornetto met room da asporto, ren naar de toiletten, ren terug, sla mijn koffie achterover en prop de roomcroissant in mijn reistas. Dat ik tijd genoeg heb, betekent niet dat ik me niet ga haasten om super op tijd bij de trein te zijn.

Ik krijg van verschillende mensen hulp met het instappen en uitstappen, zoals het hoort als iemand hulpvragend uit de ogen kijkt. Ik verheug me op de boot: wapperende haren in de zeelucht, een arancino erbij. Zo’n rijstbal met ragout moest ik van Denis en de Uien eten op de boot, daar zijn ze het beste, zeiden ze.

In de kustplaats Villa San Giovanni stap ik uit de trein. De veerboot staat er al voor me klaar. Voor een paar euro mogen mijn fiets en ik mee. Op het dek kijk ik naar de overkant, daar is de haven van Messina, op het eiland Sicilië. Zo dichtbij. Met nog geen twintig minuten op de boot ben je er al. Het is slechts 7,5 kilometer op het water.

Ik krijg net de kans om een arancino te bestellen. Ik zet mijn zonnebril op, laat de wind wapperen en dan ben ik er al.

Ik heb ineens helemaal geen zin meer om me te haasten.

Ik googel “beste patisserie Messina” en fiets er met Anja heen.

Ik eet er een berg kleine gebakjes en koekjes. Nomnom. Ondertussen zoek ik online een slaapplek. Op Airbnb zag ik een interessant appartement (met bad) maar de eigenaar ervan reageert niet op mijn slaapverzoek. Dat is balen want ik wil graag mijn tassen ergens binnen leggen en de stad zonder last besnuffelen.

Ik fiets in de richting van waar ik het centrum vermoed, snap de indeling van de stad niet helemaal. Alles is er natuurlijk dicht, het is heel koud. Er zou een rondleiding moeten zijn die start vóór de kathedraal maar er gebeurt niets. In een parkje klik ik Tinder maar weer eens open. In deze grote stad zijn er veel meer mannen te vinden. Ik vind een hele knappe dokter die van hardlopen houdt.

We zijn een match, hoezee. Ik stel voor om samen te gaan hardlopen de volgende dag, lijkt me gezellig. Hij kan niet, zegt ‘ie, want hij heeft nachtdienst. Ik laat me niet kisten en zeg: “zullen we dan voor je nachtdienst wat gaan drinken”. En hij zegt: “ja”. Bueno.

Ik wacht niet langer op een reactie van het Airbnb-appratement en boek een B&B via een andere app. Eentje waar ik direct kan inchecken. Ik fiets er meteen heen, kan de voordeur niet vinden, bel de eigenaar maar op. Hij spreekt geen Engels.

We gaan elkaar sms’en zodat hij mijn woorden in een vertaal-app kan gooien. Zodra hij snapt dat ik hem niet kan vinden, zwaait hij me vanaf zijn balkon toe.

Ik krijg een schone maar saaie Ikea-kamer. Alles wekt de indruk pas aangeschaft te zijn. Ik installeer me, wat er op neer komt dat ik weer al mijn bezittingen uit mijn tas haal en de kamer insmijt, tenminste zo ziet het er voor een buitenstaander uit. Er zit wel enige ordening in hoor. Ik douche, lees (koning en hoofdpersoon gaan trouwen), val in slaap en word wakker als ik mijn feestjurk aan moet gaan trekken. Over een uur heb ik een date en ik heb een nieuwe jurk!

Grapje, mijn date ziet er heel anders uit.